Instituut voor Islamitische
Studies en Publicaties

 
 

Deze site tot uw startpagina maken? Klik hier!

De Dageraad
Editie januari-juni 2007


Download printversie: RIGHT-CLICK hier --> save target as

In deze editie:

Op onze website:


Liefde en Vergeving

Elke wereldgodsdienst heeft liefde en vergeving als een belangrijke component voor het ontstaan van een vredevolle, vreugdevolle en welvarende wereld. Een bekende spreuk uit de Bijbel is bijv.: als iemand u op de ene wang slaat, keer hem dan ook de andere toe (Lukas 6:29 e.a.).
Maar ook is in de Heilige Boeken te lezen dat het soms noodzakelijk is om met een “strenge, soms harde hand” te werk te gaan om het leven te garanderen, bijvoorbeeld zichzelf verdedigen bij roof.
Ook wordt er in de boeken over wraak (vergelding) gesproken, aangezien niet een ieder het vermogen nog voldoende ontwikkeld had om wandaden zomaar te kunnen vergeven. Denk maar aan spreuken in het Oude Testament, zoals: oog om oog, tand om tand (Mattëus 5:38 e.a.). Hoewel dit over het algemeen gezien wordt als een toestemming om te vergelden, bevat deze regeling ook de beperking dat er niet meer schade toegebracht mag worden dan aangedaan is. Deze regel kwam in een tijd dat wreedheden, slavernij, vetes, etc. de normaalste zaak waren; vaak werd zelfs een hele stam afgeslacht in ruil voor één moord.

Vergiffenis, wraakneming en straffen zijn dus opties die de mens heeft om met aangedane wreedheden, hoe groot of hoe klein dan ook, om te gaan.

Het nut van wraak, straf en vergiffenis

Wraak

Als we nagaan wat het doel is van zich wreken, dan zien we dat dit een manier is om degene die we schuldig achten, te kwetsen op een zodanige manier dat de pijn die we zelf ervaren minder wordt of verdwijnt. Heel vaak gebeurt het toch nog dat, hoewel men wraak genomen heeft, het onbevredigd pijnlijke gevoel weer ervaren wordt op het moment dat men zich het voorval herinnert.

Straffen

Straffen is in de praktijk vaak synoniem aan zich wreken. Zinnen als “ik zal hem een les leren die hij nooit zal vergeten” of “ik zal hem of haar mores leren” zijn niet onbekend. Vaak zijn er ouders, leerkrachten e.d. die het kind verbaal of fysiek straffen om hun eigen gevoelens van frustratie of onmacht kwijt te raken. Maar er hoeft maar iets kleins te gebeuren en daar zijn die gevoelens weer.

Straffen of streng zijn dient een vorm van liefde te zijn, waarbij de handeling werkelijk gericht is op het hervormen van de “schuldige” of het waarborgen van de veiligheid en groei van de gemeenschap. Het leidend gevoel hierbij is geen frustratie, wrok of het willen opleggen van de wil, maar een oprechte, heldere, liefdevolle houding. Natuurlijk geldt hierbij dat de straf alleen toegepast moet worden als er geen verandering of oprecht berouw in de houding van de persoon of groep waargenomen wordt; het is bekend dat zelfs in de gevangenissen mensen wegens goed gedrag weer worden vrijgelaten.
Van belang is ook dat de straf in de juiste verhouding staat tot de misdaad.

Wat is vergeven dan? Is het een houding van “iedereen mag mij of mijn dierbaren krenken, mishandelen of doden, ik vergeef het wel, want dat hoort zo?” Nee, want dit zou slechts een verstandelijk vergeven zijn waarbij de pijn gewoon blijft, en het kan zelfs gevaarlijk zijn, want hierdoor kan de dader doorgaan met zijn/haar negatief gedrag. Vergeven is ook niet gelijk aan vergeten.
Vergeven heeft slechts te maken met het kunnen loslaten van het probleem, het niet eindeloos blijven draaien en wroeten in het voorval, de pijn niet steeds weer te hoeven voelen en/of wrokgevoelens te koesteren. Dit leidt namelijk tot het punt waarbij mensen zodanig door het voorval bezeten zijn, dat ze niet meer in staat zijn in het heden te leven. Maar nogmaals, vergeven heeft niets te maken met het goedkeuren van negatief levensondermijnend gedrag, maar dus wel met het kunnen accepteren en loslaten van het probleem en vanuit een open en oprechte houding kunnen kijken naar het voorval. Dit geeft weer een gevoel van ruimte en perspectief in het leven. Het kan natuurlijk wel een tijd duren voordat men zover is en men moet er ook de tijd en het geduld voor nemen, vooral als men lange tijd blootgesteld is aan de misdaden. Hierbij zijn bidden en op een positieve wijze ondersteund worden door de omgeving erg handig.
Tegelijkertijd moet men, indien nog nodig, ook zodanig handelen dat de dader(s) gestraft worden op een gepaste manier, waarbij straffen in de hervormende, corrigerende wijze bedoeld wordt.

Maar vergeven doet men vooral voor zichzelf omdat vanuit angst, wrokgevoelens en frustratie men niet oprecht de zaak kan beschouwen, zich ellendig blijft voelen en eigenlijk niet verder kan met zijn leven.

Vele wetenschappers zijn het erover eens dat vergeven goed is voor de gezondheid en het welzijn van degene die vergeeft. Zoals de therapeut Marjolijn van Stiphout uit Hemrik stelt: “Alles wat we meemaken, slaan we op in onze lichaamscellen. Onverwerkt leed verkrampt de celreceptoren, die informatie doorgeven en nieuwe generaties opleiden. Daardoor kunnen ze hun werk niet goed doen en dat kan zich uiten in klachten als migraine, depressie, woede-aanvallen, enz.” Ze stelt dat in vergeving de sleutel ligt om weer gezond te worden (bron: tijdschrift “Gezondheid” van oktober 2004).

Het verkrampen van de celreceptoren gebeurt alleen door negatieve emoties. Positieve emoties hebben een tegengestelde werking, en dit verklaart de kracht van positief denken en visualisatie.

De psycholoog René Diekstra stelt het volgende: “Mensen die niet kunnen vergeven, blijven vastzitten. ... De ander verandert niet, en zij veranderen zichzelf ten nadele. ... Je kunt iemand blijven haten en je aandacht blijven richten op wat verkeerd is gegaan, maar haat is geen productieve en constructieve levenshouding; het zuigt ook je eigen energie weg. Uit psychologisch onderzoek blijkt telkens weer dat vergeven een zeer belangrijke kwaliteit is. Het is niet erg als je er een tijdje in blijft zitten. Maar laat het daarna los, is het niet voor de wereld, dan is het in ieder geval voor jezelf” (Tijdschrift “GezondNU” van maart 2007).

Bij de keuze of er gestraft of vergeven moet worden, leert de Islam ons de middenweg, de sirât al-mustaqîm, zoals we lezen in Koran 42:40:

“En de vergelding voor kwaad is een straf daaraan gelijk; maar wie vergeeft en zich betert, zijn beloning ligt bij Allah.”

In dit vers wordt gesteld, dat de straf in verhouding moet staan tot de ernst van de misdaad. Vergiffenis is een sterk aanbevolen optie, welke bijv. zou kunnen worden toegepast als het de zaak herstelt en iets goeds bijdraagt aan de overtreder. Het is deze gouden regel, waarop alle rechtswetten in de moderne samenlevingen zijn gebaseerd.

Ook in andere verzen leert de Koran ons dat vergeven een zeer hoogstaande eigenschap is:

“En degenen die de grote zonden en onzedelijkheden uit de weg gaan en, altijd wanneer zij boos zijn, vergeven.” (42:37)

“En wie geduld toont en vergeeft — dat is waarlijk een zaak van grote vastberadenheid.” (42:43)

“Neig naar vergiffenis en beveel het goede en keer je af van de onwetenden.” (7:199)

“Degenen die uitgeven in voorspoed en in tegenspoed en degenen die (hun) boosheid bedwingen en mensen vergeven. En Allah heeft degenen die goeddoen (aan anderen) lief.” (3:134)

Maulana Muhammad ‘Ali schrijft in de voetnoot onder dit vers: “Het bedwingen van boosheid, vergeven, en goed doen aan elkaar, zijn grootse morele eigenschappen die daarnaast ook de band van eenheid versterken die zo noodzakelijk is voor succes.”

=========

Vergeven brengt vrede

“Soms word je gekwetst door mensen omdat zij – net als jij – nog aan het leren zijn en nog moeten groeien. Mensen maken fouten. Vergeef hen dat zij nog niet volmaakt zijn.”

“Je kunt iemand niet veranderen door boos op hem te blijven. Als je boos blijft, verander je alleen jezelf – en dat is geen verandering ten goede.”

“Als je het moeilijk vindt om te vergeven, denk dan terug aan een moment waarop je zelf vergeven wilde worden. Schenk de ander waar jij toen om vroeg.”

“Sta vergeving toe om de deur naar verzoening wagenwijd open te zetten. De pestkop van vandaag kan de vriend van morgen zijn.”
“Verbind geen voorwaarden aan je vergeving, anders hangt je innerlijke vrede af van een beslissing van degene die je gekwetst heeft. Vergeven is jouw besluit.”

“Als iemand weigert om jou te vergeven, is die persoon ook niet vergeven niet de oplossing. Dan keten je jezelf met de boeien van een ander. Blijf vrij: vergeef.”

“Weet dat vergeven ook onder de pijnlijkste omstandigheden mogelijk blijft. Je kunt iemand vergeven die je niet vertrouwt en die je niet respecteert, en je kunt iemand vergeven die jouw vergeving niet lijkt te verdienen. Op deze manier getuig je van de goedheid van de Schepper, Die altijd deel van jou heeft uitgemaakt.”

Uit het boekje Vergeven brengt vrede (auteur David W. Schell, uitgeverij de Zaak)


Verslag Bedevaart 2007

Bij de afgelopen bedevaart in Mekka waren aanwezig van de S.I.V. in Suriname: Sandra Ilahibaks-Wazir, Imraan Ilahibaks, Haroen Bechan en Galida Badoellah. Hieronder het reisverslag van Sandra Ilahibaks.

Zoals wij weten is de Hadj één van de vijf zuilen van de Islam. Allah heeft de Hadj, in zijn Almachtigheid en Alwetendheid, als laatste zuil opgedragen aan de mensheid. Elke Moslim is, indien hij of zij kapitaalkrachtig en gezond is, verplicht om één keer in het leven de Hadj te verrichten.

In Koran 2:196 lezen wij: “En volbrengt de Bedevaart (Hadj) en het Bezoek (Umrah).”

Ook lezen we in 3:96-97: “Het eerste Huis dat voor de mensen werd neergezet is dat in Mekka. Gezegend is het en een Leidraad voor de mensheid. Erin zijn duidelijke tekenen; het is de standplaats van Ibrahim. Wie er binnentreedt is veilig. Het is voor de mensen een plicht jegens Allah om de Bedevaart naar het Huis te verrichten; voor degenen die ertoe in staat zijn. En wie ongelovig is? Allah heeft de mens niet nodig.”

Dank zij de Almachtige Allah hebben wij invulling mogen geven aan deze plicht. Op onze manier hebben wij onze uiterste best gedaan om alles te doen dat vereist is. Het ligt nu in handen van Allah of Hij onze Hadj accepteert of niet. Wij zullen echter trachten om een zo goed mogelijk voorbeeld te zijn en ook zullen wij de verantwoordelijkheden die op ons rusten, zo goed mogelijk vervullen zodat wij op de Dag des Oordeels met een blij hart het oordeel van onze Schepper mogen aanhoren. Vandaag wil ik de ervaringen die ik heb opgedaan met u allen delen.

Wij hebben een voorbereiding gehad van ongeveer 1 jaar, echter overtrof de werkelijkheid alle verwachtingen. Bij velen leeft het idee dat het verschil tussen de Umrah en de Hadj niet groot is. Men vertelt dat het enige wat je niet doet tijdens de Umrah, het offeren en het stenigen van de “duivel” is. Nu ik het zelf ervaren heb kan ik u vertellen dat er een heel groot verschil is. De Umrah is een deel van de Hadj, maar de Hadj is geen Umrah. De Heilige Profeet Mohammed (vzmh) heeft gezegd dat de Hadj Arafat is en dat maak je niet mee als je de Umrah doet.

Op 3 december j.l. vertrokken wij richting Nederland, aangezien wij vóór 5 december onze paspoorten en vaccinatieboekjes moesten inleveren voor de visumaanvraag. In Nederland aangekomen moesten wij het visum aanvraagformulier (een origineel document van de Saudische ambassade) invullen en tot mijn verbazing werd ons niet gevraagd bij welke organisatie wij horen. Ik moest alleen aangeven (als vrouw) wie mijn begeleider was. Na alle verhaaltjes die wij in Suriname en Nederland hadden gehoord waren wij toch wel in spanning of onze visa in orde zouden komen. Allah zij geprezen, alles verliep voorspoedig en op 22 december konden wij vertrekken.

Onze reisroute was Amsterdam-Istanbul-Jeddah. Daar wij op de route Istanbul-Jeddah over een miqaat (grensplaats) zouden vliegen, moest een ieder in Istanbul de Ihraam status aannemen. De vrouwen mochten reeds bij vertrek uit Nederland hun Ihraam status aannemen. Ik heb dat ook gedaan, maar in Istanbul heb ik de niyyat voor de Umrah aangenomen en de 2 rakaat sunnah salaat verricht. De mannen hebben hun Ihraam status geheel in Istanbul aangenomen. Op de luchthaven van Istanbul is er een speciale ruimte ingericht voor de Hadj gangers waar zij aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Er is zelfs een moskee daar aanwezig.

Bij vertrek uit Istanbul waren wij allen ons volledig ervan bewust dat de reis begonnen was. Een ieder hielp elkaar en er was een heel goede sfeer. De hele verdere reis naar Jeddah was er maar één ding waar een ieder zich mee bezig hield, het opzeggen van de Talbiyyah: “Labbaik Allahoema labbaik, labbaik laa sjarieka laka labaik, innal hamda, wa nimata laka wal moelk, laa sjarieka lak”. In koor ging dat, als de één moe was om het luid op te zeggen nam een ander het over. Deze Talbiyyah zeg je op zolang de Hadj niet achter de rug is. Alleen tijdens de tawaaf en sa’i en ook bij het binnentreden van de moskee Al-Haram zeg je het niet. De betekenis van de Talbiyyah is: “Hier ben ik o Allah, hier ben ik. U heeft geen deelgenoten. Hier ben ik, voorzeker, alle lof, gunsten en heerschappij behoren U toe. U heeft geen deelgenoten.”

Ongeveer 10 uren na ons vertrek uit Nederland kwamen wij eindelijk aan in Jeddah. Wat een vreugde in onze harten, wij zijn op de plaats van bestemming. Per bus werden we vervoerd naar één van de aankomsthallen, alwaar ons geduld erg op de proef werd gesteld. Als wij na uren wachten eindelijk aan de beurt zijn, blijkt dat de afhandelende ambtenaar niet weet waar Suriname ligt. Na veel uitleg van onze kant krijgt hij uiteindelijk antwoord van een meerdere en worden wij afgehandeld. Wij mochten toen doorlopen en konden onze bagage afhalen. Buiten aangekomen moet je goed opletten wat er met je bagage gebeurt, op welke trolley het wordt geplaatst, anders ben je het kwijt. Dus een ieder achter de bagagetrolley aan naar de bushaltes. Tot onze verbazing mogen we nog niet instappen. De Saudi’s bepalen wanneer je vertrekt, dus weer rustig wachten.

Intussen waren we al vanaf 5.00 ‘s morgens op de been. We hebben de volgende dag de zon zien opkomen op de airport van Jeddah en rond 1.00 uur ‘s middags mochten we eindelijk instappen in de bussen. Een ieder heel blij, want nu vertrokken we richting Mekka. Uit volle borst wordt de Talbiyyah opgezegd, echter kwamen wij pas in de vooravond uitgehongerd aan in ons hotel. Dit was overigens niet te wijten aan onze touroperator, maar aan de bureaucratie in Mekka.

Aangekomen in ons hotel krijgen we onze sleutels en wij haasten ons om ons op te frissen, een maaltijd te nuttigen en ons klaar te maken voor de tawaaf Qudum en de sa’i in Masjid al-Haram. Daar wij de Hadj Tamattoe deden, was dit ook tevens onze Umrah. Wat een heerlijk gevoel doorstroomt mij als ik binnenstap op het plein van de allergrootste moskee op aarde. Op slag vergeet ik al het wereldse, alle vermoeidheid ben ik kwijt, slechts het lofprijzen en danken van Allah komt in mij op. Met heel veel respect en hoopvol stap ik samen met de groep de moskee binnen, helemaal ingesteld op wanneer ik eindelijk de Kabah zou zien. Wanneer ik het eindelijk zie kan ik geen stap verzetten. Op dat moment voelde ik mij heel klein en was ik de Schepper dankbaar dat ik daar aanwezig mocht zijn. Na het verrichten van de Tawaaf en de Sa’i, en het afknippen van ons hoofdhaar, is de Umrah voltooid en konden wij terug naar het hotel alwaar wij de Ihraam konden afleggen en gewone kleding aandoen, in afwachting van de datum van de Hadj.

Op 28 dec (8 Zul Hiddjah) nemen wij de Ihraam status weer aan en doen nu de niyyat voor de Hadj. Wij vertrekken per bus naar Mina alwaar wij in tenten logeren en op de vloer slapen. Hier treffen wij de voorbereidingen voor Arafat. De volgende dag (9 Zul Hiddjah) vertrekken wij naar Arafat waar wij de hele dag doorbrengen in volledige ibadah en we treffen ook voorbereidingen om te vertrekken naar Muzdalifah als het donker is. Na aankomst in Muzdalifah, waar je samen met duizenden andere gelovigen onder de blote hemel de nacht doorbrengt, zoeken wij een plekje en leggen onze slaapzakken klaar. Wij verrichten hier de Maghrib (3 rakaat) en Isha (2 rakaat) salaat en gaan dan op zoek naar de benodigde steentjes voor de volgende dagen. Deze steentjes kan je ook de volgende ochtend zoeken.

Wij blijven in Muzdalifah tot na Fajr salaat en vertrekken weer naar Mina. Intussen is het de officiële Id ul-Adha dag (10 Zul Hiddjah); de groep vertrekt dus naar de Djamarah om de eerste 7 stenen te gooien op Al Aqabah, op deze dag wordt er ook geofferd. Na het gooien en het offeren knipt men het haar en mag men uit de Ihraam toestand stappen.

Op de 11e en de 12e dag zijn de stenen gegooid naar alle 3 Djamaraats en op de 12e dag vertrokken wij uit Mina naar Mekka. Bij aankomst in Mekka namen wij een volledig bad en gingen naar Masjid al-Haram voor de Tawaaf Ifaadah. Als ik nu voor de Kabah sta, kan ik mijn tranen niet inhouden. Ik dank de Almachtige en praat met Hem in onze eigen taal. Ik lofprijs Hem en vertel Hem dat Hij Zich bewust was van de zwakte van Zijn schepping toen Hij de Hadj maar één keer verplicht stelde. Na de tawaaf verrichten wij de Sa’i en daar had ik het gevoel dat ik de dorst en machteloosheid van Hagar kon voelen. De volgende avond verricht ik de Tawaaf al-Wada (in een rolstoel) en de groep doet het de volgende ochtend. Hiermee is de Hadj officieel afgesloten, en wij vertrekken per bus richting Madinah.

De reis naar Madinah nam ook een hele dag in beslag. Wij bleven er 4 dagen waar wij het geluk hadden de Djumah salaat te verrichten in de grote moskee. Deze moskee is ook een prachtig bouwwerk. Het mooiste wat ik hier heb ervaren is toen na Djumah het plafond openging. Het leek alsof Allah Zijn zegeningen op ons liet nederdalen.

Dit is een kort verslag van mijn belevenissen. Bewust heb ik niet verteld over de sanitaire voorzieningen en het lange reizen, daar ik ervan uit ga dat elk verstandig mens die hoort dat er daar ongeveer 4 miljoen mensen aanwezig zijn zich een voorstelling kan maken van wat je aldaar te wachten staat. De Saudi’s proberen te moderniseren, maar een heleboel ligt ook in handen van de bezoekers. Neem van mij aan dat het erger is dan u zich kunt indenken, maar de ontberingen zijn het dubbel en dwars waard om aanwezig te zijn in Masjid al-Haram en Masjid an-Nabawi. Houdt voor ogen dat als je zo’n reis onderneemt je niet met vakantie bent, oefen jezelf in geduld, probeer op de vloer te slapen want je zal in Mekka en Madinah in de duurste hotels kunnen logeren, maar de Hadj zal je moeten ervaren zoals de bedelaar het doet, samen op de vloer in opwaaiend zand.

Een advies aan een ieder is: probeer de Hadj te doen wanneer je nog jong en krachtig bent. Bij terugkomst kan je als voorbeeld dienen voor andere leeftijdgenoten. Een ieder let na je Hadj op je doen en laten en men zal je als voorbeeld nemen, maar vergeet niet dat ook de Almachtige naar je kijkt en je zult bij Hem verantwoording moeten afleggen voor al je daden.
Als er mensen zijn die plannen hebben om de Hadj te doen, ben ik samen met mijn man bereid u van dienst te zijn. Wij zullen u vertellen wat u allemaal moet doen, want het is niet nodig om het wiel weer uit te vinden. Wij hebben het ervaren en kunnen u helpen.

Mijn bede tot Allah is: “Ya Allah, har musalman ko Hadji bana.”


Noot van de redactie: driedimensionale beelden van diverse moskeeën in en rond Mekka en Medina kunnen hier worden bekeken.


Religieuze teksten tonen
gemeenschappelijke oorsprong

Volgens The Guardian van 26 april j.l. houdt de British Library een tentoonstelling van zeldzame teksten uit Islamitische, Christelijke en Joodse heilige boeken, genaamd “Sacred, Discover What We Share”. De beheerder Graham Shaw geeft aan dat men heeft besloten geen gescheiden tentoonstelling per religie te organiseren, maar juist de geschriften naast elkaar te leggen, om te tonen hoeveel we met elkaar delen.

Een 14e eeuwse Koran en een vertaling van de Evangeliën in het Arabisch maken deel uit van de tentoonstelling. Ook worden er voor het eerst geschriften tentoongesteld die behoren tot ’s werelds vroegste ontdekkingen vanuit Joodse, Christelijke en Islamitische hoek, zo’n 230 zeldzame werken die zelden of nooit door het publiek zijn aanschouwd. Onder meer zijn de Codex London te zien – een van de oudst bekende manuscripten van de Torah – en de Syrische Pentateuch, het oudst bekende Bijbelse document. Ook de “Sultan Baybar Koran”, afkomstig uit de 14e eeuw, is er te zien, evenals een geborduurd gordijn uit de 19e eeuw dat eens de deur van de Ka’bah heeft bedekt.

=========

Oudste Bijbel ter wereld op internet

De Codex Sinaiticus, de oudste Bijbel ter wereld, wordt op internet gezet. Delen van het boek, dat de Duitse geleerde Konstantin von Tischendorf in de negentiende eeuw in Egypte vond, zijn in bibliotheken in vier landen te vinden. Het project is een initiatief van de British Library in Londen, waar zich ook een deel van het boek bevindt. De ongeveer vierhonderd pagina's, tussen 330 en 350 geschreven op perkament, worden gedigitaliseerd, genummerd en daarna op internet gepubliceerd.


COLOFON

Redactie:
  • Riaz Ahmadali
  • Reza Ghafoerkhan
  • drs. Sharda Ahmadali-Doekhie
  • Irshaad Djoemai

Abonnementen / reacties / inzendingen:

Internet:

Overname uit De Dageraad is toegestaan, mits de bron wordt vermeld.

De Dageraad is een uitgave van het Instituut voor Islamitische Studies en Publicaties (I.V.I.S.E.P.).

De Dageraad is een voortzetting van:

  • Hakikatoel Islam (1934-1960), redacteur: moulvi Shekh Ahmadali
  • Al Haq (1971-1980), redacteur: mr. Basharat Ahmadali en A.S. Hoeseni